Nieuwe Hollandse Waterlinie

Toen bleek dat de Oude Hollandse Waterlinie de stad Utrecht niet voldoende beschermde, werd vanaf 1815 een geheel nieuwe verdedigingslinie ingericht. In 1871 noemde men deze de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Daarmee konden stroken weiland tussen Muiden en de Biesbosch onder water gezet worden om de vijand te stoppen. Kwetsbare drogere gedeelten werden militair beschermd vanuit torenforten zoals Fort Asperen. Vooral rond Utrecht, dat niet was te beschermen door water, bouwde men veel forten. De Nieuwe Hollandse Waterlinie heeft in totaal 46 forten en ook 5 vestingsteden, namelijk Muiden, Weesp, Naarden, Gorinchem en Woudrichem. Deze steden maakten eerder deel uit van de Oude Hollandse Waterlinie.

De Nieuwe Hollandse Waterlinie heeft zich nooit daadwerkelijk hoeven te bewijzen als verdedigingslinie. In 1870 werd deze in staat van verdediging gebracht toen de oorlog tussen de Fransen en Duitsers zich verder over Europa dreigde uit te breiden. Ook tijdens de Eerste Wereldoorlog was men in opperste staat van paraatheid. De waterlinie bleek in beide oorlogen niet nodig. In 1940 zette men voor het laatst gebieden onder water, nu om zich te verdedigen tegen de Duitsers. Die kwamen echter met vliegtuigen overvliegen, waardoor de waterlinie niet langer van waarde was voor de verdediging van Nederland.

NieuweHollandseFort

Huidige functie: natuur, cultuur en geschiedenis

De torenforten van de waterlinie zijn lang eigendom van het Ministerie van Defensie geweest en bleven daardoor verboden terrein. Dat heeft ertoe geleid dat de natuur haar kans greep waardoor de vele forten monumenten zijn geworden waar geschiedenis, cultuur en natuur samenkomen. In en rond de forten leven planten en dieren die ergens anders in de omgeving niet voorkomen. De grootste terreinbeheerder is Staatsbosbeheer, dat 15 forten en ongeveer 142 hectare natuurgebied beschermt. De waterlinie is tegenwoordig vooral een gebied waar mensen komen wandelen en fietsen en kunnen genieten van allerlei activiteiten en (kunstzinnige) evenementen.